Tuin ABC

Elders op deze website staat het tuin-ABC (zie Tuin-ABC) met veel informatie over deze tuinvereniging.

Bij de G staat bijvoorbeeld belangrijke informatie over Gasflessen

  • Gasflessen zijn te koop bij de tuinwinkel, deze is open op zaterdagochtend in de even weken. In de tuinwinkel zijn ook nieuwe gasslangen en drukregelaars verkrijgbaar.
  • Er mogen niet meer dan twee gasflessen (vol of leeg maakt niet uit) op een tuin aanwezig zijn: dit zijn voorschriften van de brandweer.
  • Het verboden een gasfles in een huisje te plaatsen (zie het huishoudelijk reglement).
  • Gasslangen mogen maximaal 5 jaar oud zijn. Zie de datum op de slang, vervang op tijd in verband met uw veiligheid.
Gasflessen in het “gashok”

Informatie van de brandweer over gasflessen


Ongelukken met gasflessen zijn meestal het gevolg van verkeerd gebruik. De belangrijkste tips voor een veilig gebruik:
• Bewaar en vervoer gasflessen bij voorkeur rechtop.
• Gebruik en bewaar ze alleen op een koele, goed geventi­leerde plaats.
• Kom nooit met een vlam of brandende sigaret of sigaar in de buurt van een gasfles.
• Let erop dat gasflessen zijn aangesloten met een goedge­keurde slang en volgens de voorschriften van de fabrikant.
• Een gasleiding moet zo worden gebruikt, dat het niet beschadigd kan raken.
• Gebruik altijd een drukregelaar tussen fles en gasapparaat.
De vereiste gasdruk staat op het typeplaatje van het apparaat.
• Monteer bij het koppelen van gasflessen de regelaar die
de hoogste druk doorlaat, het dichtste bij het gebruiks­apparaat.
• Vervang drukregelaars minimaal om de vijf jaar.
• Gebruik alleen goedgekeurde hogedrukslangen van maximaal 1,5 meter lengte. Vernieuw de slangen ten minste om de twee jaar.
• Zorg dat de verbindingen aan beide zijden zijn voorzien van
deugdelijke slangklemmen.
• Sluit de fleskraan als u het gastoestel niet gebruikt. Gebruik
bij het openen en sluiten geen gereedschap, maar doe het met de hand.
• Spoor lekkages op met een kwastje met vloeibaar afwas­ middel.
• Zorg dat u altijd een brandblusser en/of blusdeken bij de hand hebt.

10 Regels Ons Buiten

De 10 belangrijkste punten samengevat uit het huishoudelijk reglement van Ons Buiten.

1. Heggen en afscheidingen.
Ons buiten is een park en geeft dus ruim uitzicht.
De heg is voor leden van na 1-5-2018 altijd maximaal 80 cm (art 39. hhr)
Maximale maat van schutting is 360 cm breed en 180 cm hoog (art 22b. hhr)
Hagen en struiken die de buren schaduw bezorgen mogen maximaal 200 cm hoog worden.

2. Bouwen en bestraten.
Ons Buiten is een tuinvereniging, geen bouwvereniging.
Op de website vind je het bouwreglement http://www.lba-leiden.nl/wp-content/uploads/2020/01/Bouwvoorschriften-LBA_Uitgave-12-2019.pdf
Bouwen mag pas na verkrijgen van toestemming bouwcommissie en gemeentelijke vergunning.
70 % van het totale oppervlak van de tuin moet bestaan uit beplanting.(art. 30 hhr)

3. Veur
Het klimaat verandert en de grote regenbuien geven veel water.(art.11 huurcontract gemeente). Er is een greppel aan de rechterzijde van je tuin en deze moet je vrij houden voor waterafvoer (art. 17)

4. Herrie
Tuinieren doe je voor je ontspanning. Tussen 20.30 en 8.30 uur geen muziek, machines en hard praten (art. 22 l). Op zondagen de hele dag geen muziek en machines.

5. Vuur
Het is verboden om andere materialen dan schoon en droog hout te verbranden.(art. 21 f)
Open vuur maken altijd in een vuurkorf op een stenen ondergrond. (milieuwet)

6. (Ver)kopen tuin of huisje
Als lid krijg je een tuin in gebruik, de tuin is niet je bezit.
(huisje is vergelijkbaar met jacht en tuin met jachthaven)
De overdracht van een tuin en/of huisje kan uitsluitend via het bestuur. (art. 6 statuten)

7. Onderhoud huisje en tuin
Je bent verplicht om je tuin en huisje in goede staat te houden. (statuten art. 6 lid 4a)
Wie het onderhoud verwaarloost kan zijn lidmaatschap (dus gebruik van tuin en huisje) kwijtraken.

8. Vrienden, familie of kennissen
Het is verboden je tuin in gebruik te geven aan anderen. Als lid mag je natuurlijk wel samen met je vrienden, familie of kennissen tuinieren. Met schriftelijke toestemming van het bestuur kan je iemand als medegebruiker aanwijzen. (art. 23 hhr)

9. Overnachten (art. 15 hhr)
Alleen in het tuinseizoen van 1 april tot 31 oktober mag je op de tuin overnachten. In het winterseizoen (1 november tot en met 31 maart) gaan de hekken om 18.00 uur dicht, het hoofdhek gaat in het winterseizoen om 22.00 dicht.

10. Bomen
Ons Buiten staat op de groene kaart van en dus zijn alle bomen beschermd. (gemeentelijke verordening)
Kappen, omzagen, kandelaberen en/of knotten mag alleen met schriftelijke toestemming van de bomencommissie. Een boom is een boom als zij op 100 cm hoogte een omtrek groter dan polsdikte heeft.

Foto’s gevraagd!

Voor deze website zijn we regelmatig opzoek naar mooie/leuke/kleurige foto’s die teksten kunnen opvrolijken. Heeft u een mooie foto van uw tuintje, uw oogst, een klein tuinbeestje of van een activiteit bij Ons Buiten dan kunt uw deze mailen naar info@onsbuitenleiden.nl onder vermelding van VOOR DE WEBSITE.

Plant van de maand (Januari)


Winterakoniet – Eránthis hyemális

Een van de eerste bloeiers in het nieuwe jaar is de winterakoniet, Eránthis hyemális, uit de ranonkelfamilie met gele bloemen. Het is een echte schaduwplant en behoort tot onze stinsenflora. Winterakonieten zijn goed
te combineren met sneeuwklokjes en krokussen. In het wild vind je ze in loofbossen en dan met name in essen- en iepenbossen op grazige plekken.

Oorspronkelijk is het een Zuid-Europese soort die veel is aangeplant in buitengoederen en van daaruit verwilderde en deel werd van onze natuurlijke flora. In de volkstuin hebben ze het ook naar hun zin op een humusrijke en vochtige plek onder bomen en struiken die ’s winters hun blad verliezen. Winterakonieten groeien uit knolletjes. Je kunt de knolletjes het beste planten aan het eind van de zomer of begin van het najaar. De knolletjes moeten ongeveer 5 cm diep worden geplant en 7,5 cm uit elkaar voor een mooi effect.
Omdat ze vroeg in het jaar bloeien, zeker in een zachte winter, krijgen
ze weinig insectenbezoek hoewel vliegen, wespen en korttongige bijen de normale bezoekers zijn van winterakonieten. Alleen op warme zonnige dagen tijdens een zachte winter en de zeer vroege lente komen ze langs.
De gele bloemdekbladen hebben een typische vorm en worden ook wel honingbakjes genoemd.

Commissie Natuurlijk Tuinieren

2022: jaar van de merel

Tot de grote schrik van de Vogelbescherming (www.vogelbescherming.nl), zijn er steeds minder merels in Nederland!
Daarom is 2022 het Jaar van de Merel: de Vogelbescherming onderzoekt wat precies het probleem is. De Vogelbescherming zoekt uit waar de merels last van hebben en wat de Vogelbescherming eraan kan doen. De Vogelbescherming vraagt u de merel een handje te helpen.

Maak een mereltuin

U kunt op 5 manieren de merel helpen, of in elk geval het leven van de merel gemakkelijker maken. Zo biedt u (natuurlijk) voedsel, en veilige plekken om te rusten of te broeden. Maakt u ook een echte mereltuin?

  1. Grasveldje
    Merels zijn gek op wormen en die vinden ze in uw gazon. In een echte mereltuin mag een klein grasveldje daarom niet ontbreken. Al zaait u maar een paar vierkante meter graszaad in, dan zijn ze al blij en is het territorium naar hun gevoel compleet. Houd het ’s zomers lekker nat met regen- of badwater, dan zijn de pieren makkelijker te pakken.
  2. Klimplanten
    Een klassieke nestelplek voor merels is een lekkere dichte klimop. De bladeren bieden bescherming tegen katten en andere rovers en de late bessen zijn welkom voedsel voor de ouders. Maar ook andere klimplanten zoals klimhortensia, klimroos, hop of wilde kamperfoelie weet de merel te waarderen.
  3. Appels
    Merels en andere lijsterachtigen houden van fruit en zijn best bereid er ruzie om te maken. Leg een paar halve appels of peren voor ze op de grond in de tuin en strooi er wat rozijntjes bij. Vechten ze elkaar nou de tuin uit? Maak dan een paar van dit soort voerplekken met flink wat ruimte ertussen.
  4. Struiken met bessen
    Struiken met bessen zoals de lijsterbes of vuurdoorn zijn niet alleen voor de merel, maar eigenlijk voor alle tuinvogels een must. Ze hebben alles: bloemen (met insecten) in het voorjaar, bessen in het najaar en het hele jaar door dichte (stekelige) plekken om te rusten of een nestje te bouwen.
  5. Rommelhoekjes met bladeren
    Ruim de tuin niet spik en span op, maar laat her en der in een paar rommelhoekjes wat bladeren en takken liggen. Of maak een takkenwal en een composthoop. Kleine diertjes leven onder de bladeren en tussen de takken en dat maakt het voor de merel makkelijker om voedsel te vinden.

Commissie Natuurlijk Tuinieren i.s.m de Vogelbescherming

Is dit een merel?

(Foto Cees Pouwel)

HEGGENABONNEMENT


Voor maar € 10,00 per jaar (€ 30,00 voor een hoektuin) worden de heggen van uw tuin door de werkbeurten onderhouden. De heg wordt 2 tot 3x per jaar geknipt. U kunt via de mail (info@onsbuitenleiden.nl) doorgeven of u
hier gebruik van wilt maken. Als u al een heggenabonnement heeft, dan hoeft u dat niet door te geven.

Een heg met sneeuw in de winter

BLADEREN EN TAKKEN

Bladhopen
De Commissie Natuurlijk Tuinieren roept tuinders op bladhopen te maken en deze gedurende de herfst en winter te laten liggen. Je kan makkelijk een bladhoop maken door bladeren op een hoop te vegen. Er overwintert van alles in bladhopen: insecten, spinnen, padden, egels. En hier en daar zelfs hazelwormen en ringslangen. Deze diertjes zijn je allemaal dankbaar voor een goede overwinterplek.

Takkenhopen
Heb je ergens een rustig plekje in je tuin, gooi daar dan snoeihout
neer. Je krijgt dan een heuse takkenhoop. Ook dit zijn goede overwinteringsplekken van kleine tuindiertjes.

Takkenwal
Wil je wat meer structuur of wil je een afscheiding dan is een takkenwal een goede optie. Sla wat palen of dik snoeihout in de grond en stapel daartussen gesnoeide takken en bladeren op. Het verterende hout zakt
vanzelf in elkaar. Je kunt er ieder jaar nieuw snoeihout opstapelen. Het scheelt ook behoorlijk in de massa af te voeren tuinafval en je helpt er de kleine tuindiertjes enorm mee.

Foto van een bladhoop (met een muisje).

Lezing 27 oktober: Hoe krijg je meer vlinders in je tuin en welke herken je?

Wat vliegt er ‘s in de zomer zoal om je oren? Ga mee in de wereld van de Vlinderstichting op Tuinvereniging Ons Buiten. Op 27 oktober geeft vlinderkenner Kars Veling een presentatie: je leert meer over deze prachtige dieren. Het aantal plaatsen is beperkt dus geef je snel op!

De presentatie start om 19.30 uur bij het verenigingsgebouw.

Opgeven kan via deze link:

 https://www.biodiversiteitinbeeld.com/event-details/vlinderstichting-presentatie

Vlinder op een blaadje op een plant bij Ons Buiten

Groetjes namens Commissie Biodiversiteit in Beeld,

PLANT VAN DE MAAND Fuchsia of bellenplant

Een stekkie van de Fuchsia, wie wil dat nou niet? Het is een lang bloeiende plant met decoratieve klokjes die van juni tot ver in oktober aan de plant bungelen en druk bezocht worden door hommels en bijen. Wist je dat je de bessen die de plant vormt kunt eten? Ze smaken zoet en fris, beetje pruimig, met een pepertje als toegift. Jammergenoeg dragen niet alle fuchsiarassen vrucht omdat veel rassen gekruist zijn voor hun bloemen die niet door kolibries bestoven worden, zoals in het wild gebeurt. De hommels en bijen lukt het niet altijd om de bloemen te bestuiven.

De fuchsia behoort tot de Teunisbloemfamilie. De meeste fuchsia’s zijn struikjes van 20 tot 40 cm hoog maar de Nieuw-Zeelandse soort F. excorticata (Maori: ‘kotukutuku’) vormt een uitzondering. Het is een boom die wel 15 meter hoog kan worden. En de Fuchsia procumbens, ook uit Nieuw-Zeeland, is een bodembedekker van amper enkele centimeters hoog.
In een strenge winter moet je de wortels beschermen, bijvoorbeeld door een laag blad en snoeisel rond de plant te leggen, goed mulchen dus. Dood hout kun je in de lente verwijderen. En wil je de tuinbuur blij maken met een stekkie? Neem dan in juni of juli, een twijg die dat jaar is gegroeid van de plant. Trek het takje naar beneden, zodat er een stukje bast meekomt van de tak waar de scheut uit komt. Doop het takje in wilgenstekmiddel (zie kader hieronder) dat de beworteling bevordert en zet de stek in een potje met 2/3 potgrond en 1/3 zand. Zet de stekjes onder glas of plastic. Je kunt hiervoor een kamerkasje gebruiken, speciale plastic kapjes of gewoon een plastic zakje. Zorg dat de grond niet uitdroogt en bescherm de stekjes tegen felle zon. Zodra de stekjes aan het wortelen zijn en iets gaan groeien, top je ze boven het onderste bladpaar. Laat ze vorstvrij overwinteren zodat ze in het voorjaar buiten naar de buurtuinder kunnen.

Wilgenstekmiddel
Dit stekmiddel van plantenhormoon is eenvoudig zelf te maken.

  1. Oogst verse wilgentenen en verwijder het blad.
  2. Knip de stengels in stukjes van 1 cm en week ze 24 uur in water.
  3. Haal de stengelstukjes uit het water (leg het in de tuin als mulch).
  4. Wat overblijft is stekvloeistof. Dompel de wortelpunten van de stekken een uur of twee in de vloeistof voordat je ze in de potgrond zet.
  5. Meer informatie staat op deze website: https://www.biotuintilburg.nl/?form=item&id=49

Commissie Natuurlijk Tuinieren.