Broedseizoen

Het broedseizoen is aangebroken. Vogels zijn van half maart tot half juli druk in de weer met het maken van een nest, eieren uitbroeden en jongen verzorgen. Toch worden bomen en struiken in deze periode wel eens gesnoeid. Mag dat wel? De regel is als volgt: Het kappen en snoeien van bomen of struiken tijdens het broedseizoen is verboden als daarin een vogel aan het broeden is of als er een jaarrond beschermd nest in zit en deze wordt verstoord of vernield. Alle inheemse vogels, hun nesten en eieren zijn namelijk beschermd op grond van de Wet natuurbescherming. In de broedperiode van 15 maart tot 15 juli mag je nesten van deze dieren dus niet verstoren. Die zijn beschermd vanaf het eerste takje tot het uitvliegen van het laatste jong.

Jonge ransuil gefotografeerd op Ons Buiten door Sander Ariaans

Activiteiten op 12 maart 2022

Onderhoud van de eco-zone

Bij Ons Buiten was zaterdag 12 maart een vrijwilligersdag activiteit waarbij vele mensen de handen uit de mouwen hebben gestoken. Daarna was er in de kantine een gezellige lunch, aangeboden door andere vrijwilligers.
Er zijn de volgende projecten uitgevoerd:

– Het onderhouden van de ecozone en de rotsplantentoren. Hierbij zijn ook veel nieuwe biologische rotsplantjes geplant.

– In de kantine zijn vele wormenpotjes gemaakt.

– Bij de kantine zijn zakjes zaad verkocht met tien verschillende soorten biologische zaden: inheemse bloemen voor bijen en vlinders, rode lijst planten en soorten vergeten-groente.

De activiteit was georganiseerd door drie commissies: Activiteiten, Biodiversiteit in Beeld en Natuurlijk tuinieren

Tellen in de natuur

16 en 17 april 2022: Kikkers en padden tellen

Op 16 en 17 april 2022 organiseert Jaarrond Tuintelling een amfibieën avondtelling: ga ’s avonds de deur uit en zoek in jouw vijver naar kikkers, padden of salamanders. Amfibieën zijn namelijk vaak in de avond actief. Zo komen we er samen achter welke soorten amfibieën gebruik maken van tuinvijvers! Zie https://www.tuintelling.nl/evenementen/avondtelling

een pad

23 en 24 april 2022: Bijen tellen

Draag bij aan de bescherming van de wilde bij en tel mee! De Nationale Bijentelling is in het weekend van 23 & 24 april. Ben je er dit jaar bij? Doe mee en schrijf je alvast in voor de telling. Zie https://www.nationalebijentelling.nl/

Plant van de maand (maart)


Schoenlapperplant – Bergenia

Schoenlappersplanten, bergenia’s, een wintergroen lid van de steenbreekfamilie, je kunt er niet genoeg van hebben. Van maart tot mei pronkt hij met kaarsen vol kleine roze bloemetjes. De grote, glanzend leerachtige bladeren zijn groen en kleuren soms rood. Je kunt er daadwerkelijk je schoenen mee poetsen tot ze zo glimmen dat het teruggekaatste licht pijn in je ogen doet!
Het liefst staat deze vaste plant in de schaduw of half-zon. Zon kan ‘ie alleen aan op een vochtige plek en in de zomer wil hij op warme dagen niet zonder vocht dus zet hem op een plek die het water goed vasthoudt. Wanneer je het hele jaar de bodem bedekt met mulch, bijvoorbeeld van blad, stro, kleine takjes, gemaaid gras, houtsnippers, compost, boomschors krijg je vanzelf een vochthoudende en voedzame grond die perfect is voor de schoenlappersplant.
De plant groeit in een pol die zo’n 25cm hoog wordt. In het voorjaar groeit vanuit de rok van bladeren een stengel omhoog tot zo’n 40cm waaraan de kaars van kleine, roze bloemetjes verschijnt. Als de plant in bloei komt sterft het blad af en verschijnt er weer nieuw, vers blad. In september kun je grote oude pollen opnemen en de uiteinden met de bladeren op zo’n 10 cm afsnijden en deze stukken opnieuw planten. Dit bevordert de bloei en je hebt meteen meer planten.
Behalve een mooie plant in het vroege voorjaar is het een drachtplant voor hommels en honingbijen en een waardplant voor vlinders.

Commissie Natuurlijk Tuinieren

Jonge schoenlappersplanten

Planten van deze maand (februari)

Stinzenplanten

Deze maand aandacht voor een bijzondere groep voorjaarsbloemen die vanaf het vroege voorjaar steeds terugkomen: de stinzenplanten. Het zijn vooral bol-, knol- en wortelgewassen die zich gemakkelijk handhaven en verwilderen. Ideaal voor natuurlijk tuinieren: vanaf het einde van de winter kun je er met de armen over elkaar ieder jaar meer van genieten!
Vanaf de 16e eeuw plantten eigenaren van buitenplaatsen, kastelen en landhuizen in Noord Nederland bepaalde voorjaarsbloeiers. Op sommige plekken is het voormalig landhuis verdwenen, maar bloeien de verwilderde voorjaarsbloeiers ieder jaar nog steeds uitbundig.

Sneeuwklokjes in het vroege voorjaar

Een stins komt uit het Fries en betekent ‘stenen huis’. Bewoners van deze stenen huizen, de stinzen, waren vaak van adel en hadden geld genoeg om voorjaarsbloeiers rondom hun huis te planten. Onder de stinzenplanten vind je sneeuwklokjes, sterhyacinten, sneeuwroem, winterakoniet (zie
vorige nieuwsbrief), krokus, lenteklokje, bosanemoon, gele anemoon, vingerhelmbloem, holwortel, zomerklokje, boshyacint, wilde narcis, kievitsbloem, knikkend vogelmelk, lelietje der dalen, voorjaarszonnebloem en aronskelk. Als je er een stuk of wat van in de tuin hebt betekent dat de komende tijd veel vrolijkheid. En anders kun je naar landgoed de Horsten in Voorschoten of landgoed Ockenburg langs de kust tussen Loosduinen en Kijkduin (zie foto). Andere landgoederen en buitenplaatsen kun je op afspraak of via inschrijving bezoeken (bijvoorbeeld: Martenastate,
Buitenplaats Philippusfenne, De pastoriehof van Warffum). Maar ook in de bossen van Kennemerland vind je Stinzenflora.
Mocht je willen weten welke planten nog meer tot de stinzenplanten behoren dan vind je een lijst via deze link: https://www.plantennamen.info/nader-uitgelegd/wat-zijn-stinzenplanten


Commissie Natuurlijk Tuinieren

Voorjaarszonnebloem

Gras

Natuurlijk tuinieren met de armen over elkaar: gras
Wist je dat…

  • je meer planten in je gras krijgt als je minder maait?
    Je kan het pad om de 2 weken doen. Als je dan de rest om de 4 weken maait, is het gunstig voor Klaver
    en Madeliefjes. Je kunt ook 1 à 2 keer per jaar maaien om nog meer variatie te krijgen
  • je maaisel moet afvoeren om de grond arm te houden zodat je meer planten krijgt?
  • je het maaien van je gras zo afwisselend kunt doen als je maar wilt zolang je in de gaten houdt of
    planten de kans krijgen te groeien en te bloeien?
  • Je dus verschillende hoogtes kunt aanhouden in je grasveld?
    Hoog gras voor Margrieten, Rode klaver en Scherpe boterbloemen en laag gras zodat je Madeliefjes,
    Witte klaver en Rolklaver krijgt.
  • je stukjes gras kunt afplaggen (weghalen) en inzaaien?
  • als je stopt met mesten het gras zwakker wordt en de planten meer kans krijgen?

Weetjes van de Commissie Natuurlijk Tuinieren

Ook egels houden van gras (foto tuin 205)

Plant van de maand (Januari)


Winterakoniet – Eránthis hyemális

Een van de eerste bloeiers in het nieuwe jaar is de winterakoniet, Eránthis hyemális, uit de ranonkelfamilie met gele bloemen. Het is een echte schaduwplant en behoort tot onze stinsenflora. Winterakonieten zijn goed
te combineren met sneeuwklokjes en krokussen. In het wild vind je ze in loofbossen en dan met name in essen- en iepenbossen op grazige plekken.

Oorspronkelijk is het een Zuid-Europese soort die veel is aangeplant in buitengoederen en van daaruit verwilderde en deel werd van onze natuurlijke flora. In de volkstuin hebben ze het ook naar hun zin op een humusrijke en vochtige plek onder bomen en struiken die ’s winters hun blad verliezen. Winterakonieten groeien uit knolletjes. Je kunt de knolletjes het beste planten aan het eind van de zomer of begin van het najaar. De knolletjes moeten ongeveer 5 cm diep worden geplant en 7,5 cm uit elkaar voor een mooi effect.
Omdat ze vroeg in het jaar bloeien, zeker in een zachte winter, krijgen
ze weinig insectenbezoek hoewel vliegen, wespen en korttongige bijen de normale bezoekers zijn van winterakonieten. Alleen op warme zonnige dagen tijdens een zachte winter en de zeer vroege lente komen ze langs.
De gele bloemdekbladen hebben een typische vorm en worden ook wel honingbakjes genoemd.

Commissie Natuurlijk Tuinieren

2022: jaar van de merel

Tot de grote schrik van de Vogelbescherming (www.vogelbescherming.nl), zijn er steeds minder merels in Nederland!
Daarom is 2022 het Jaar van de Merel: de Vogelbescherming onderzoekt wat precies het probleem is. De Vogelbescherming zoekt uit waar de merels last van hebben en wat de Vogelbescherming eraan kan doen. De Vogelbescherming vraagt u de merel een handje te helpen.

Maak een mereltuin

U kunt op 5 manieren de merel helpen, of in elk geval het leven van de merel gemakkelijker maken. Zo biedt u (natuurlijk) voedsel, en veilige plekken om te rusten of te broeden. Maakt u ook een echte mereltuin?

  1. Grasveldje
    Merels zijn gek op wormen en die vinden ze in uw gazon. In een echte mereltuin mag een klein grasveldje daarom niet ontbreken. Al zaait u maar een paar vierkante meter graszaad in, dan zijn ze al blij en is het territorium naar hun gevoel compleet. Houd het ’s zomers lekker nat met regen- of badwater, dan zijn de pieren makkelijker te pakken.
  2. Klimplanten
    Een klassieke nestelplek voor merels is een lekkere dichte klimop. De bladeren bieden bescherming tegen katten en andere rovers en de late bessen zijn welkom voedsel voor de ouders. Maar ook andere klimplanten zoals klimhortensia, klimroos, hop of wilde kamperfoelie weet de merel te waarderen.
  3. Appels
    Merels en andere lijsterachtigen houden van fruit en zijn best bereid er ruzie om te maken. Leg een paar halve appels of peren voor ze op de grond in de tuin en strooi er wat rozijntjes bij. Vechten ze elkaar nou de tuin uit? Maak dan een paar van dit soort voerplekken met flink wat ruimte ertussen.
  4. Struiken met bessen
    Struiken met bessen zoals de lijsterbes of vuurdoorn zijn niet alleen voor de merel, maar eigenlijk voor alle tuinvogels een must. Ze hebben alles: bloemen (met insecten) in het voorjaar, bessen in het najaar en het hele jaar door dichte (stekelige) plekken om te rusten of een nestje te bouwen.
  5. Rommelhoekjes met bladeren
    Ruim de tuin niet spik en span op, maar laat her en der in een paar rommelhoekjes wat bladeren en takken liggen. Of maak een takkenwal en een composthoop. Kleine diertjes leven onder de bladeren en tussen de takken en dat maakt het voor de merel makkelijker om voedsel te vinden.

Commissie Natuurlijk Tuinieren i.s.m de Vogelbescherming

Is dit een merel?

(Foto Cees Pouwel)

BLADEREN EN TAKKEN

Bladhopen
De Commissie Natuurlijk Tuinieren roept tuinders op bladhopen te maken en deze gedurende de herfst en winter te laten liggen. Je kan makkelijk een bladhoop maken door bladeren op een hoop te vegen. Er overwintert van alles in bladhopen: insecten, spinnen, padden, egels. En hier en daar zelfs hazelwormen en ringslangen. Deze diertjes zijn je allemaal dankbaar voor een goede overwinterplek.

Takkenhopen
Heb je ergens een rustig plekje in je tuin, gooi daar dan snoeihout
neer. Je krijgt dan een heuse takkenhoop. Ook dit zijn goede overwinteringsplekken van kleine tuindiertjes.

Takkenwal
Wil je wat meer structuur of wil je een afscheiding dan is een takkenwal een goede optie. Sla wat palen of dik snoeihout in de grond en stapel daartussen gesnoeide takken en bladeren op. Het verterende hout zakt
vanzelf in elkaar. Je kunt er ieder jaar nieuw snoeihout opstapelen. Het scheelt ook behoorlijk in de massa af te voeren tuinafval en je helpt er de kleine tuindiertjes enorm mee.

Foto van een bladhoop (met een muisje).